Ik vind het juist erg komisch.Roland schreef:Ik zit me altijd rot te ergeren aan die presentator/ controleur.r0n. schreef:Hoe zit het dan met de smaak politie ?
Smaakvol etende groeten;
Ron
naamvoering politie
Moderator: Moderatorteam
-
- Infopolitie Gast
Roland schreef:Ik zit me altijd rot te ergeren aan die presentator/ controleur.r0n. schreef:Hoe zit het dan met de smaak politie ?
Smaakvol etende groeten;
Ron
Wees maar blij dat er nog iemand op let.
Ik heb in het verleden bij een bedrijf gewerkt, levering van keuken apparatuur.
En dat soort apparaten kwamen ook retour, uit restaurants en snackbars.
Als je zag hoe die binnen kwamen, dan was je eetlust wel vergaan.
Er zijn er bij die maken nooit schoon, en jij irriteert je aan een presentator

-
- Infopolitie Gast
-
- Infopolitie Gast
Wat kun jij overdrijven.T-nus schreef:Ik irriteer me niet aan de presentators maar aan die viezerikken die hun keuken (of andere gedeeltes van de eetgelegenheid) zo vies kunnen maken en er dan gewoon in kunnen koken.
Ik zeg altijd: "Nu ga ik nooit meer uit eten". Maar dan zie ik weer een Grieks restaurant en dan ben ik weer verkocht!!![]()
Ik dacht je bent die jongen die plat gaat voor een broodje doner kebab.
Zoiets?:..::Frans::.. schreef:Ik zal je vertellen dat ik me helemaal de pleuris aan het zoeken ben. Het is al een ouwetje die dateert uit de tijd na de oorlog, waarin het belangrijk was om te kijken wie nu ambtenaar (ECHT) was en wie niet.....
Als ik hem nog vindt post ik hem even....
Verder terug heb ik niet gevonden.Octroy, gegeven by Phillips Coningh van Castilien, Voor Edict ende eeuwighe Wet.
Phillips, by der gratie Godts, Coningh van Castilien, van Leon, van Arragon, van Navarre, van Napels, van Sicilien, van Mailjorque, van Sardanie, van de Eylanden Indien, ende vasten lande der zee Oceane, Ertz-Hertoge van Oostenrijck, Hertoghe van Bourgondien, van Lothrijck, van Brabandt, van Limbourgh, van Luxenbourgh, van Gelre, ende van Milanen, Grave van Hapsbourgh, van Vlaenderen, van Arthoys, van Bourgondien, Phalz-grave van Thirol, ende van Henegouwen, van Hollandt, van Zeelandt, van Namen ende van Zutphen, Prince van Swabe, Marck-grave des Heyligis Rijcks, Heere van Vrieslandt, van Salijns, van Mechelen, van der Stadt, Steden ende Landen van Utrecht, Overyssel ende Groeninghen, ende Dominateur in Asia ende Africa.
Allen den genen die desen jegenwoordighen sien sullen: Saluyt:
Wy hebben ontfanghen die ootmoedighe Supplicatie, van de ghemeyne Inwoonderen van den Dorpen van Aeckersloot, Uitgeest, Limmen, Heylo, Castricum, Groede, Wormer, Gisp, Oostzanen, Aelsmeer, Rijck ende Nieuwer-kerck, alle gheleghen ende dependerende onder, ende van ’t Bailliuschap van Kennemer-landt ende Kennemer-volgh, inhoudende, dat hoewel sy Supplianten, hier voortijden, by Graven ende Gravinnen van Hollandt onse Voorsaten voorsien, ende ghedoteert zijn gheweest, met verscheyden goeden Privilegien ende Hantvesten, inhoudende diversche puncten ende articulen, al tot welvaren ende seer oirbaerlijck, voor die voorschreven ghemeyne Inghesetenen, welcke privilegien gheregistreert zijn, in onsen Kamere van de Reeckeninghe in Hollandt, nochtans midts dat die Voorsaten van de voorschreven Supplianten, door negligentie, die voorighen Privilegien, niet en hebben doen observeren ende onderhouden; maer ter contrarie, successive laten infringeren, ende eenighe aboleren, daer voor sy in ’t generael grootelijcken beschadight ende beswaert zijn, midts welcken, ende omme daer inne te moghen remedieeren, hebben tot welvaeren van de selve ghemeene Ingesetenen, ende onderhoudenisse van goede ordre, ofte politie, met oock tot vorderinghe van de Justitie, sonderlinghe ende by ghemeynen advijse, van elck anderen gheraemt ende ghemaeckt, seecker concept by maniere van ordonnantie, al onder ons goedt behaghen.
Daer af eenighe articulen oock staen gheinsereert, in heure voorschreven Hantvesten, ende anderen zijn gheaddeert, als seer nut ende bequaem wesende, soo wel om te remedieeren tegens veele abuysen, als excessive onnutte onkosten, daer mede sy daghelijcks soo beswaert worden, dat die niet supportabel en zijn, als andersins (alsoo sy seggen) ons ootmoedelijcken biddende, dat, ghemerckt sy de voorschreven gheconcipieerde articulen, niet en souden derven, noch moghen te wercke stellen, sonder onsen oorlof ende consent, ons soude ghelieven, alle de selve articulen te approberen, ratificeren, confirmeren, ende by forme van Octroye, het te consenteren, dat sy daer af eeuwighlijck sullen mogen useren, ghenieten ende gebruycken, doende hen daer op expedieeren behoorlijcke open Brieven.
Waeromme soo ist, dat wy ’t gene, des voorschreven is overghemerckt, begeerende daer inne te voorsiene, ende ordre te stellen, op dat de voorschreven Inwoonders in goede politie moghen onderhouden werden.
Ende hier op ghehandt ’t advijs van onsen lieven ghetrouwen President, ende luyden van onsen Rade ende reeckeninghe in Hollandt, de welcke t’ onser ordonnantie, alle de voorschreven articulen ghesien ende ghevisiteert hebben, ende daer op oock ghehoort onsen lieven ende beminden Pouwels van der Laen, nu ter tijdt Bailliu van Kennemer-landt voorschreven.
Hebben uyt onser authoriteyt ende volle macht gheordonneert ende ghestatueert, ordonneren ende Statueeren voor Edict ende eeuwighe Wet, ’t ghene dat hier nae volght:
Art. 1. Hoe men Verongheluckte beschouwen sal.
In den eersten, soo wanneer binnen den bedrijve van Kennemer-landt, ofte Kennemer-gevolge, yemant sal geraken te verdrencken, ofte van imans handen neder-geleydt worden, ofte oock anders, by gevalle doodt blijven, dat in sulcken gevalle, die Bailliu van Kennemerlandt, den overleden sal mogen schouwen, ende dat hy sijn Kennemer-pondt alleenlijck, met twee Schepenen van der plecke, daer ’t feyt, ofte ongeval gebeurt sal zijn: so verre daer geen mannen by der handt en zijn, sonder dat die Bailliu daer niet present en es, oft op sijn Kennemer-pondt niet begheert te reysen, soo sal ’t selve ghedaen werden, by den Schout ende twee Schepenen, ghelijck op andere plaetsen, daer omtrent gheleghen, ghewoonlijck es te gheschien.
Art. 2. Niemandt te molesteren, daer men een dooden vindt.
Dat d’ Officiers, ofte heuren Dienaers, niemandt van de Inwoonders der Dorpen voorschreven, sullen mogen molesteren, van lijve ofte van goede, daer men yemant doodt vindt, onder ’t decksel, dat die dooden hen selven ghedoodt ende verdaen souden hebben: ten ware dat men eerst wettelijcken bevonde, dat die Persoon, hem selven met opsetten wille ende boosheyt, verdaen hadde.
Art. 3. Ghetuyghen dagh loon.
Als yemandt van de Inwoonders der voorschreven Dorpen, by den Bailliu van Kennemer-landt, ofte t’ sijnen versoecke, sal verdaghvaert werden, om van der waerheydt ghetuygenisse te dragen, in criminele saken: ende de selve een mijl buyten den Ban van sijn Ambocht daerom sal komen, die voornoemde Bailliu, sal den selven gedaghvaerden getuygen betalen, elck vier stuyvers ’s daeghs, tot tauxatie van Leen-mannen dien ’t behooren sal.
Art. 4. Als den Bailliu yemandt aen spreken wil om twee-en-veertigh stuyvers, waer te doen.
Indien den voorschreven Bailliu van Kennemerlandt, yemandt aenspreken wilde, om een breucke, bedragende ter somma van twee-en-veertigh stuyvers, dat hy ’t selfde ghehouden sal wesen te doen, ter eerster instantie, voor den lagen Rechter, daer den Delinquant woonachtigh zijn sal, ende indien Schepenen den betichtighden vry ende onschuldigh wesen, ende die Bailliu met het selve vonnisse niet te vreden ware, maer ’t selve betrocke voor der hoogher Vyerschare, sal die voorschreven Bailliu, indien hy aldaer succumbeert, schuldigh wesen partyen haer kosten te betalen, ende in gevalle hy triumpheert, sullen partyen insghelijcks, den voorschreven Bailliu sijnen kosten betalen, tot tauxatie van de voorschreven Leen-mannen.
Art. 5 t’ Wijderen van de processe t’ insinueren.
Die voorschreven Bailliu, sal gheen vonnisse moghen doen wijderen, met sijn ordinaris mannen, dan sal behooren partyen acht dagen te vooren, voor ’t visiteren, ende ’t wijderen van de processe te insinueren, van de uyre ende plaetse, daer hy ’t vonnisse sal doen wijderen, omme sententie te komen hooren.
Art. 6. Met consent in den Oest, ende op heylighe daghen te moghen arbeyden.
In den Hop-tijdt ende Oughst op heylighe daghen nae Hooghmisse, sal elcks sijn rijp Hop, ende Koorn mogen oirbaren, nae den noodt van den tijde, sonder verbeuren, wel-verstaende nochtans, dat sy ghehouden sullen wesen, eerst oorlof te vragen aen haren Pastoor, oft aen den ghenen die de plaets van den selven Pastoor sal bewaren, ofte in sijnre absentie, aen heur-luyder Schout.
Art. 7. Hoe men ’t Huys-hoen betalen sal, in ’t Schrickel-jaer.
Als men den Bailliu voorschreven in den Schrickel-jare, sijn Huys-hoen schuldigh is, d’ Inwoonderen van den voornoemden Dorpen, sullen hen behooren te reguleren, volghende die oude costume ende usantie, in ’t collecteren van ’t huys-hoen ghepleeght, te weten, dat Man ende Wijf, sittende in een huys, met haren kindt oft kinderen ongheschist, ende onghedeylt goedt hebbende, betalen sullen t’ samen twee-jarighe Hoenderen: Item, een Weduwe, ofte een Weduwenaer, sittende met haren kindt ofte kinderen, in ghescheyden boele, sulcks dat elcks heeft bewesen goedt, sullen elcks betalen een jarigh Hoen, ofte een braspenningh voor elcks Hoen.
Art. 8. Lijf ende halve goedt, mach men verbeuren.
Die gheen, die sijn lijf verbeurt, en sal niet meer van sijn goederen verbeuren, dan die helft, ende sal die ander helft gaen, aen die rechte Erfghenamen.
Art. 9. Hoe een yeghelijck sijn landt mach verbeteren.
Sal oock elck sijn landt moghen verbeteren, met modderen ende opmaken, ’t gheen dat af-ghesleten es, wel-verstaende nochtans, dat sy ’t selve sullen doen, sonder eens anders hinder, ende dat sy voorts onse landts gronden ende aenwassen, ende oock ander landts gronden ende aenwassen, niet en sullen moghen roeren, omme daer mede haer landt te verbeteren.
Art. 10. Honden, Gansen ende Eenden te mogen houden.
Die voornoemde Bailliu van Kennemer-landt, en sal d’ Ingesetenen der voornoemde Dorpen, niet mogen verbieden te houden een Hondt, Gansen oft Eenden op haer eyghen; wel-verstaende nochtans, soo verre daer eenige schade, door ’t houden van de voorschreven Beesten ghebeurden, dat sulcks betaelt sal werden, als naer oude costumen gewoonlick is te geschieden, ende onvermindert voorts, soo verre ’t houden van de Honden aengaet, ’t recht van de Houtvesterye.
Art. 11. Waer men een Kranck-sinnighen sluyten sal.
Als binnen den voorschreven Dorpen, yemandt kranck-sinnigh bevonden sal worden, die vrienden sullen ghehouden zijn, den voornoemde Bailliu, van den Kranck-sinnigen mensche t’ adverteren, met goede verklaringhe van de Persoonen, op dat hy hem van dien mach informeren (ist noodt) ende onderstaen, oft niet een versiert werck en is, om onder ’t decksel van dien, eenighe Sectarisen te helpen, omme dat ghedaen, alsdan den Kranck-sinnighen vast geleydt te worden, nae behooren.
Art. 12. Een Inkomelingh moet Certificatie mede brengen.
Die van buyten sullen komen woonen, in eenigh van den voorschreven Dorpen, sullen ghehouden wesen, goede bezeghelde Certificatie te brenghen, van waer sy komen, ende waer sy gewoont hebben, ende van wat leven ende wandelingh sy zijn, ende indien haer bescheydt goed es, ende sy daer blijven woonen een Jaer ende ses weken, dat sy alsdan met den Buren sullen mede gelden, nae faculteyt van heuren goeden.
Art. 13. ’t Recht van zeghelen.
Als die Schouten eenighe Brieven bezeghelen sullen, dat sy voor Zeghel-recht hen sullen moeten contenteren, met ses stuyvers, soo wanneer ’t een Certificatie es: maer soo wanneer ’t andere Brieven zijn, als Rente-brieven, Vertigh-brieven, Quitantie-brieven, ende dierghelijcke; dat men de selve Schouten alsdan, van elcken Brief, sal behooren te gheven, acht stuyvers, sonder meer, ’t zy of daer een, oft meer Persoonen inne staen, behoudelijcken, dat die Dorpen hebbende speciael Octroy, nopende het voorschreven Zeghel-recht, volghen sullen ’t selve Octroy.
Art. 14. Van Consultatie-gelt in te legghen.
Wanneer die Schepenen een vonnis hebben sullen te wijsen, ende sy ’t selve niet wijs en zijn, ende begheeren met wijser te consulteren: soosullen partyen ghehouden wesen, Consultatie-gelt in te legghen, ende en wouden sy dat niet doen, ende die Schepenen wesen nae haren besten wetenschap, daer en sal men haer niet mogen op beroepen.
Art. 15. Twee-mael te weke recht sitten.
Ende die Schouten en sullen die Schepenen niet moghen molesteren, om te Recht te sitten, dan twee-mael des weecks, te weten, Dinghsdaeghs ende Vrydaeghs, op welcke daghen, de Gheburen noch jeghens malkanderen sullen moghen Recht pleghen.Wel-verstaende nochtans, soo wanneer daer eenighe Uitheemsche quamen, die over ’s nacht Recht begeeren, sullen Schepenen ghehouden zijn ’t selve te doen.
Ontbieden daeromme, ende bevelen onsen lieven ende gheytrouwen, den Hoofden, Presidenten, ende luyden van onsen secreten ende grooten Rade, Stadthouder, President, ende luyden van onsen voorschreven Rade in Hollandt, Bailliu van Kennemer-landt, Schouten ende Schepenen van de voorschreven Dorpen, ende alle andere onse Rechteren ende Officieren, oft heuren Stede-houderen, die dit aengaen, ende soo hen toe-behooren sal, dat sy onse jeghenwoordighe ordonnantie ende statuyt, in alle sijn e puncten ende articulen, in der manieren voorschreven onderhouden, bewaren ende observeren, ende doen onderhouden, bewaren ende observeren, ende de selve doen verkondighen ende publiceren in alle voorschreven Dorpen, op dat niemandt daer af ignorantie ofte onwetenheyt en mach pretenderen; want het ons alsoo gelieft.
Des t’ oirconden, soo hebben wy onsen zeghel hier aen doen hanghen. Ghegheven in onse Stadt van Brussele, den vier-en-twintighsten dagh van Maerte, in ’t Jaer ons Heeren duysent vijf hondert een-en-tsestigh (1561) voor Paesschen, van onsen Rijcken, te weten, van Spanjen, Sicilien, etc. ’t sevenste, ende van Napels ’t negenste.
-
- Infopolitie Gast
Da's wel van vlak na de oorlog, maar dan wel jouw oorlog......die van 14-18.....thijeleo schreef:Zoiets?:..::Frans::.. schreef:Ik zal je vertellen dat ik me helemaal de pleuris aan het zoeken ben. Het is al een ouwetje die dateert uit de tijd na de oorlog, waarin het belangrijk was om te kijken wie nu ambtenaar (ECHT) was en wie niet.....
Als ik hem nog vindt post ik hem even....
Verder terug heb ik niet gevonden.Octroy, gegeven by Phillips Coningh van Castilien, Voor Edict ende eeuwighe Wet.
<knip>
Des t’ oirconden, soo hebben wy onsen zeghel hier aen doen hanghen. Ghegheven in onse Stadt van Brussele, den vier-en-twintighsten dagh van Maerte, in ’t Jaer ons Heeren duysent vijf hondert een-en-tsestigh (1561) voor Paesschen, van onsen Rijcken, te weten, van Spanjen, Sicilien, etc. ’t sevenste, ende van Napels ’t negenste.



-
- Infopolitie Gast
Het gaat mij om zijn hele houding naar mensen toe. Zo'n betuttelend, mislukt-autoritair toontje. Toegegeven, hij weet echt wel waar hij over praat, maar kan het absoluut niet brengen.Corrado schreef:Roland schreef:Ik zit me altijd rot te ergeren aan die presentator/ controleur.r0n. schreef:Hoe zit het dan met de smaak politie ?
Smaakvol etende groeten;
Ron
Wees maar blij dat er nog iemand op let.
....en jij irriteert je aan een presentator