Welke Wijzigingen (snor-)scooter zijn toegestaan?

In dit forum staan vragen die ontzettend vaak worden gesteld met een duidelijk en helder antwoord.

Moderator: Moderatorteam

Forumregels
In dit forum plaatsen we vragen die (te) vaak worden gesteld. Er kan hier NIET worden gereageerd. Mocht u vragen hebben die niet hier beantwoord worden dan kunt u ze stellen in "Stel uw vraag als Gast"
Gesloten
Gebruikersavatar
Frans
Beheerder
Beheerder
Berichten: 13870
Lid geworden op: 21 mei 2003, 12:00
Leeftijd: 52
Contacteer:

Welke Wijzigingen (snor-)scooter zijn toegestaan?

Bericht door Frans » 15 nov 2009, 16:53

We krijgen heel erg veel vragen over wijzigingen aan (snor)scooters/bromfietsen (die ik hierna gewoon in zijn algemeen scooter zal noemen).

Om meteen een heel simpel antwoord te geven op de vraag in het onderwerp: NIETS. Je mag NIETS wijzigen aan een scooter. Niet aan de verlichting, niet aan de vering, de kappen moeten erop zitten, er mogen geen uitstekende onderdelen aan zitten, je kentekenplaat moet aan de achterkant op het spatbord zitten, loodrecht (verticaal dus) op de weg etc.etc. Een scooter moet op het moment dat je erop rijdt dus identiek zijn aan een examplaar uit de winkel.

Dat gezegd hebbende weten wij ook dat heel erg veel websites creatieve zaken verzinnen en dat de wereld in strooien als zijnde de waarheid. We krijgen vragen of je blauwe led-verlichting in je koplamp mag inbouwen en als het antwoord nee is dan komt meteen de vraag, maar mag ik hem wel inbouwen dan zonder aan te hebben? Antwoord is ook nee. Mag ik hem dan in/op/aan/onder mijn scooter schroeven zonder aan te sluiten? Ja dat mag (al is het daar niet iederen over eens. Een lamp die niet is aangesloten is mijn inziens nog steeds een lamp en is ook nog steeds verlichting. Weliswaar verlichting die het niet doet maar dat is even een andere discussie, vandaar ook mijn antwoord dat dat wel mag)

Hoe kom ik nu op deze kort-door-de-bocht opmerkingen? Heel simpel.

De basis:

Elk voertuig in Nederland welke voor gebruik op de openbare weg wordt toegelaten, wordt gekeurd. Dat gebeurt middels een typegoedkeuring. Simpel gezegd: stel dat Yamaha morgen een nieuwe scooter op de markt wil brengen, type City123, dan wordt 1 scooter van het merk en type Yamaha City 123 gekeurd door de Rijkdienst voor Wegverkeer(RDW). Die keuren dus een standaard scooter.

Vervolgens kijkt de RDW of de scooter voldoet aan alle eisen zoals bij de wet gesteld en keurt vervolgens deze scooter op type goed. Met andere woorden, alle scooters van het type Yamaha City123 mogen vanaf dat moment op de openbare weg rijden.

Waar staat nu exact in de wet beschreven waaraan deze scooter aan voldoet?
In de Regeling Voertuigen.

De Regeling Voertuigen heeft, voor elk type voertuig, een apart onderdeel waarin exact de permanente eisen staan vermeld. Ik zal me in dit geval beperken tot hoofdstuk 5 - Permanente Eisen - Afdeling 6 (artikelen 5.6.0. - 5.6.95).

LET OP: alle eisen met betrekking tot bromfietsen (dus ook scooters) staan hieronder vermeld. De artikelen waar nagenoeg nooit vragen over zijn zet ik in een spoiler (ingeklapt dus) om het geheel overzichtelijk te houden. Wil je die tekst ook zien, druk dan op het bijbehorende knopje: spoiler.

Het eerste artikel (en daarmee onderbouw ik dus meteen mijn kort-door-de-bocht antwoord hierboven):

Artikel 5.6.0
Wettekst
Een bromfiets moet voldoen aan de in deze afdeling opgenomen eisen en wordt beoordeeld volgens de bijbehorende wijze van keuren, waarbij in voorkomend geval bijlage VIII van toepassing is.
Voor degenen die willen weten wat bijlage VIII inhoudt: het zijn de aanvullende permanente en gebruikerseisen voor alle voertuigen./ Hoe wordt de CO2 gemeten bij een auto, welke onderdelen mogen hoeveel geroest zijn voor ze goed/afgekeurd worden etc.etc. Voor de volledige inhoud van deze bijlage (let op, is VEEL!) zie deze link: http://wetten.overheid.nl/BWBR0025798/B ... 15-11-2009
► Laat Spoiler zien
Artikel 5.6.8
Wettekst
  1. Bromfietsen moeten bij voortduring blijven voldoen aan de op het kentekenbewijs of in het kentekenregister vermelde maximumconstructiesnelheid, vermeerderd met 5 km/h. Hierbij is het bepaalde in bijlage VIII, artikelen 128 en 129, van toepassing.
  2. Bromfietsen mogen niet zijn voorzien van een voorziening met het kennelijke doel de controle op de in het eerste lid vermelde maximumconstructiesnelheid te bemoeilijken of te beïnvloeden.
    Visuele controle, waarbij eventuele aanwezige voorzieningen worden bediend of ingeschakeld. Eventueel wordt de meting opnieuw uitgevoerd.
► Laat Spoiler zien
Artikel 5.6.15
Wettekst
Bromfietsen, die na 31december 2006 in gebruik zijn genomen, moeten zijn voorzien van een goed werkende snelheidsmeter, die ook bij nacht voor de bestuurder goed afleesbaar is.
Visuele controle.
► Laat Spoiler zien


Artikel 5.6.45
Wettekst
  1. Bromfietsen, die na 31december 2006 in gebruik zijn genomen, moeten zijn voorzien van een linkerbuitenspiegel.
    Leden 1 tot en met 4: visuele controle.
  2. In afwijking van het eerste lid moeten bromfietsen op meer dan twee wielen met gesloten carrosserie, die na 31december 2006 in gebruik zijn genomen, zijn voorzien van een binnenspiegel en een linkerbuitenspiegel dan wel zijn voorzien van een linker- en een rechterbuitenspiegel.
  3. De spiegels moeten deugdelijk zijn bevestigd.
  4. Het spiegelglas van de verplichte spiegels mag geen verschijnselen van breuk vertonen en mag niet in ernstige mate zijn verweerd.

► Laat Spoiler zien


Het volgende artikel is belangrijk. Om te weten wat er wel en niet mag aan verlichting op een scooter is het in ieder geval van belang om te weten wat er in minimaal op MOET zitten:

Artikel 5.6.51
Wettekst
  1. Bromfietsen op twee wielen moeten zijn voorzien van:
    1. één dimlicht;
    2. één achterlicht;
    3. één rode retroreflector aan de achterzijde van het voertuig;
    4. één remlicht indien de bromfiets een vermogen van meer dan 0,5 kW en een maximumsnelheid van meer dan 25 km/h heeft en in gebruik is genomen na 31december 2006;
    5. één ambergele retroreflector aan de zijkant van het voertuig indien het voertuig in gebruik is genomen na 31december 2006;
    6. vier ambergele retroreflectoren aan de trappers voor zover de bromfiets is voorzien van niet-intrekbare trappers en in gebruik is genomen na 31december 2006.


    Leden 1 tot en met 3: visuele controle.
  2. Bromfietsen op drie wielen moeten zijn voorzien van:
    1. één dimlicht indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en twee dimlichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt;
    2. één stadslicht indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en het voertuig in gebruik is genomen na 31december 2006, en twee stadslichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt en het voertuig in gebruik is genomen na 31december 2006;
    3. twee richtingaanwijzers aan de voorzijde en twee richtingaanwijzers aan de achterzijde indien het voertuig is voorzien van een gesloten carrosserie;
    4. één achterlicht indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en twee achterlichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt;
    5. één of twee remlichten indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en het voertuig in gebruik is genomen na 31december 2006, en twee remlichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt en het voertuig in gebruik is genomen na 31december 2006;
    6. één of twee rode achterretroreflectoren indien de breedte van het voertuig 1,00 m of minder bedraagt en twee rode achterretroreflectoren indien de breedte van het voertuig meer dan 1,00 m bedraagt;
    7. vier ambergele retroreflectoren aan de trappers voor zover de bromfiets is voorzien van niet-intrekbare trappers en in gebruik is genomen na 31december 2006.
  3. Bromfietsen op vier wielen moeten zijn voorzien van:
    1. één dimlicht indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en twee dimlichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt;
    2. één stadslicht indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en twee stadslichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt;
    3. twee richtingaanwijzers aan de voorzijde en twee richtingaanwijzers aan de achterzijde indien het voertuig is voorzien van een gesloten carrosserie;
    4. één achterlicht indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en twee achterlichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt;
    5. één of twee remlichten indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en twee remlichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt;
    6. één of twee rode achterretroreflectoren indien de breedte van het voertuig 1,00 m of minder bedraagt en twee rode achterretroreflectoren indien de breedte van het voertuig meer dan 1,00 m bedraagt.

► Laat Spoiler zien


Het volgende artikel is belangrijk. De verlichting die er op MOET zitten mopet natuurlijk ook een bepaalde kleur hebben (hiermee is bijv. de vraag ook beantwoord of je blauwe ledverlichting in je koplamp mag schroeven):

Artikel 5.6.53
Wettekst
  1. De dimlichten en stadslichten mogen niet anders dan wit of geel stralen.
    Leden 1 tot en met 3: visuele controle, waarbij de desbetreffende lichten worden ingeschakeld.
  2. De richtingaanwijzers mogen naar voren niet anders dan ambergeel of wit en naar achteren niet anders dan ambergeel of rood stralen.
  3. De achterlichten mogen niet anders dan rood stralen.
  4. De remlichten mogen niet anders dan rood stralen.
    Visuele controle, waarbij het rempedaal wordt ingetrapt dan wel de remhendel wordt bediend.


Het volgende artikel is belangrijk. De verlichting die er op MOET zitten mag op geen enkele wijze worden aangepast waardoor de lichtopbrengst of bijv. het lichtbeeld wordt beïnvloed. Met andere woorden, stickers plakken op je koplamp (zogenaamde "angels eyes" mag dus NIET

Artikel 5.6.55
Wettekst
  1. De in de artikelen 5.6.51 en 5.6.52 bedoelde lichten moeten goed werken. Indien een licht wordt gevormd door meerdere lichtbronnen mag door defecte lichtbronnen het verlichte oppervlak met niet meer dan 25% afnemen.
    Visuele controle, waarbij de desbetreffende lichten worden ingeschakeld. De schakelaar moet automatisch in de ingeschakelde stand blijven staan.
  2. De lichtarmaturen en de onderdelen daarvan moeten deugdelijk aan het voertuig zijn bevestigd.
    Lid 2 en 3: visuele controle.
  3. De glazen van de lichtarmaturen mogen niet zodanig zijn beschadigd, gerepareerd of bewerkt, dat de lichtopbrengst en het lichtbeeld dan wel de functie nadelig worden beïnvloed.
  4. Lichten met dezelfde functie moeten nagenoeg van gelijke grootte, gelijke kleur en gelijke sterkte zijn. Lichten en retroreflecterende voorzieningen met dezelfde functie moeten nagenoeg symmetrisch links en rechts van het midden van het voertuig zijn bevestigd.
    Visuele controle, waarbij de desbetreffende lichten worden ingeschakeld.
  5. De in de artikelen 5.6.51 en 5.6.52 bedoelde lichten en retroreflectoren, voorzover het het lichtdoorlatend gedeelte betreft, mogen ten hoogste 25% zijn afgeschermd.
    Leden 5 tot en met 7: visuele controle.
  6. De in de artikelen 5.6.51 en 5.6.52 bedoelde retroreflectoren mogen geen gebreken vertonen die de retroreflectie beïnvloeden.
  7. Remlichten van bromfietsen in gebruik genomen na 31december 2006 moeten werken bij bediening van zowel de achterwielrem als de voorwielrem.


Het volgende artikel is belangrijk. Nu je dus exact weet welke verlichting er op een scooter MOET zitten wil je ook graag weten wat er dan nog meer op MAG zitten. Dit wordt bepaald in artikel 5.6.57

Artikel 5.6.57
Wettekst
  1. Bromfietsen op twee wielen mogen zijn voorzien van:
    Visuele controle.
    1. één of twee grote lichten;
    2. één extra dimlicht;
    3. één of twee stadslichten;
    4. twee richtingaanwijzers aan de voorzijde en twee richtingaanwijzers aan de achterzijde en waarschuwingsknipperlichten;
    5. één extra achterlicht indien de breedte van het voertuig niet meer bedraagt dan 1.30m;
    6. één of twee remlichten;
    7. ambergele retroreflectoren aan de voorste zijkanten van het voertuig, ambergele of rode retroreflectoren aan de achterste zijkanten van het voertuig;
    8. achterkentekenplaatverlichting;
    9. één naar voren gerichte witte retroreflector.
  2. Bromfietsen op drie of vier wielen mogen zijn voorzien van:
    1. - Onderdeel a: visuele controle. In geval van twijfel wordt gemeten.
    2. één of twee grote lichten indien de breedte van het voertuig 1,30 m of minder bedraagt en twee grote lichten indien de breedte van het voertuig meer dan 1,30 m bedraagt;
      - Onderdelen b tot en met i: visuele controle.
    3. twee richtingaanwijzers aan de voorzijde en twee richtingaanwijzers aan de achterzijde en waarschuwingsknipperlichten indien het voertuig niet is voorzien van een gesloten carrosserie;
    4. achterkentekenplaatverlichting;
    5. ambergele retroreflectoren aan de zijkanten van het voertuig;
    6. naar voren gerichte witte retroreflectoren;
    7. één of twee mistvoorlichten;
    8. één of twee mistachterlichten;
    9. één of twee achteruitrijlichten;
    10. één derde remlicht.
  3. Bromfietsen mogen zijn voorzien van extra witte retroreflecterende voorzieningen aan de voorzijde, extra rode aan de achterzijde en extra ambergele aan de zijkanten van het voertuig.
    Visuele controle.

Artikel 5.6.58
► Laat Spoiler zien


Het volgende artikel is belangrijk. De verlichting die er op MAG zitten moet natuurlijk ook een bepaalde kleur hebben
Artikel 5.6.59
Wettekst
  1. Het grote licht, het mistvoorlicht, het achteruitrijlicht en het stadslicht mogen niet anders dan wit of geel stralen.
    Leden 1 tot en met 4: visuele controle, waarbij de desbetreffende lichten worden ingeschakeld.
  2. Het achterlicht, het mistachterlicht, het derde remlicht en het remlicht mogen niet anders dan rood stralen.
  3. Richtingaanwijzers en waarschuwingsknipperlichten mogen niet anders dan ambergeel stralen.
  4. De achterkentekenplaatverlichting mag niet anders dan wit stralen en mag niet naar achteren stralen.


Het volgende artikel is belangrijk. En dan uiteraard ook nog eens de wetgeving over hoe je al die extra lichten die je extra MAG voeren moet bevestigen

Artikel 5.6.59a
Wettekst
  1. De in artikel 5.6.57 bedoelde lichtarmaturen en de onderdelen daarvan moeten deugdelijk aan het voertuig zijn bevestigd.
    Lid 1 en 2: visuele controle.
  2. De glazen van de lichtarmaturen mogen niet zodanig zijn beschadigd, gerepareerd of bewerkt dat de lichtopbrengst en het lichtbeeld dan wel de functie nadelig worden beïnvloed.
  3. Lichten met dezelfde functie moeten nagenoeg van gelijke grootte, gelijke kleur en gelijke sterkte zijn. Lichten en retroreflecterende voorzieningen met dezelfde functie moeten nagenoeg symmetrisch links en rechts van het midden van het voertuig zijn bevestigd.
    Visuele controle, waarbij de desbetreffende lichten worden ingeschakeld.
  4. Mistachterlichten moeten goed werken en voor zover het het lichtdoorlatend gedeelte betreft, mogen ten hoogste 25% zijn afgeschermd.
    Visuele controle, waarbij de desbetreffende lichten worden ingeschakeld. De schakelaar moet automatisch in de ingeschakelde stand blijven staan.


Artikel 5.6.64
Wettekst
  1. Bromfietsen mogen, met uitzondering van groot licht, niet zijn voorzien van verblindende lichten.
    Lid 1 en 2: visuele controle.
  2. Bromfietsen mogen, met uitzondering van de richtingaanwijzers en de waarschuwingsknipperlichten, niet zijn voorzien van knipperende lichten.


Het volgende artikel is belangrijk. Dit artikel zegt namelijk dat alles wat hiervoor is beschreven aan verlichting die minimaal aanwezig MOET zijn, die daarnaast ook nog extra anwezig MAG zijn en de daarbij behorende eisen die zijn genoemd, het enige is wat op je scooter aanwezig MAG zijn. Blauwe neonverlichting onder je scooter (bijvoorbeeld) mag dus door het volgende artikel NIET.

Artikel 5.6.65
Wettekst
Bromfietsen mogen onverminderd het in de artikelen 29 en 30 van het RVV 1990 bepaalde inzake zwaai- en knipperlichten, niet zijn voorzien van meer lichten en retroreflecterende voorzieningen dan in de artikelen 5.6.51, 5.6.52, 5.6.57 en 5.6.58 is voorgeschreven of toegestaan. In of op het voertuig aanwezige lichten of objecten die licht uitstralen doen dit niet naar de buitenzijde van het voertuig.
Visuele controle. Indien lichtarmaturen aanwezig zijn die niet zijn voorgeschreven dan wel toegestaan, mogen de lichten hiervan niet werken. Bromfietsen mogen niet zijn voorzien van lichtarmaturen voor blauwe zwaai- of knipperlichten.

► Laat Spoiler zien


Artikel 5.6.71
Wettekst
  1. Bromfietsen moeten zijn voorzien van een goed werkende bel of van een goed werkende hoorn met vaste toonhoogte.
    Visuele en auditieve controle, waarbij de hoorn dan wel bel in werking wordt gesteld.
  2. Bromfietsen mogen zijn voorzien van een geluidssignaalinrichting die er toe strekt ongeoorloofd gebruik of diefstal van de bromfiets of de zijspanwagen te voorkomen.
    Lid 2 en 3: visuele en auditieve controle.
  3. Bromfietsen mogen, onverminderd het in artikel 29 van het RVV 1990 bepaalde inzake twee- en drietonige hoorns, niet zijn voorzien van andere geluidssignaalinrichtingen dan bedoeld in het eerste en tweede lid.



De onderstaande tekst heb ik ook geplaatste, echter, die treedt pas op 1 januari 2010 in werking en gaat helemaal over de zelfbalancerende bromfietsen.

13. Zelfbalancerende bromfietsen [Treedt in werking per 01-01-2010]
► Laat Spoiler zien



Ik hoop dat ik met deze uitgebreide uitleg de meest voorkomende vragen heb kunnen ophelderen. Het staat je uiteraard vrij om vragen in het forum te stellen, maar enkel als ze niet worden beantwoord in dit onderwerp.

:thumleft:
Frans
Beheerder
frans@infopolitie.nl

Gesloten

Wie is er online

Gebruikers op dit forum: Geen geregistreerde gebruikers en 1 gast